Search result: 83 articles

x

Irawan Sewandono
Irawan Sewandono is universitair docent staats- en bestuursrecht aan de Open Universiteit.
Article

Access_open Recht en politiek in de klimaatzaken

Een sleutelrol voor het internationaal recht in de argumentatie van de nationale rechter

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2020
Authors Vincent Dupont
AbstractAuthor's information

    Ever since it was published in 2015, the judgment of the The Hague court in the so-called Urgenda-case, and the subsequent decisions of the appellate and cassation courts confirming it, have been met with repeated and vivid critiques. By recognizing the necessity of the reduction in greenhouse gas emissions, and furthermore imposing a certain reduction level on the Dutch state, the judgments in the cases at hand gave rise to many questions concerning the position of the judiciary in the matter, and in Dutch society as a whole. This article attempts in the first place to situate the positions of the different actors intervening in the Urgenda-case within a legal-theoretical framework. The contribution subsequently explores the strategic possibilities that an alternative understanding of law could offer to the judges, focusing specifically on the use of legal instruments stemming from international law, brought into the reasoning of the national judge.


Vincent Dupont
Vincent Dupont studeerde in 2017 af als Master of Laws aan de KU Leuven en volgt momenteel een opleiding sociologie aan de Université libre de Bruxelles, Unicamp in São Paulo en de École des hautes études en sciences sociales in Parijs.
Article

Access_open Het classicistische politieke denken van Van Hogendorp

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue Pre-publications 2020
Keywords classicistisch politiek denken, constitutie, Van Hogendorp, Grondwet, politieke filosofie
Authors Alban Mik
AbstractAuthor's information

    Gijsbert Karel van Hogendorp is the auctor intellectualis of the 1818 Dutch constitution. It was his sketch for a new constitution that was used as a starting point for the deliberations of its original drafting committee. Van Hogendorp justifies his constitution as a restoration of the Burgundian constitution that applied before the Dutch Republic. In recent literature Van Hogendorp’s restorational argument is presented as an invention of tradition. In this article an alternative explanation is presented, namely that it is part of a form of classicist political thought that was common during the ancien régime. Van Hogendorp describes his constitution as a moderate monarchy, in which the three principles of monarchy, aristocracy and democracy are properly balanced. And he mainly defends this mixed regime by pointing out that it is a restoration of the old Burgundian constitution of the Netherlands. This way of reasoning is, as will be shown, typically classicistic.


Alban Mik
Alban Mik is onderzoeker aan de Afdeling Metajuridica, vakgroep Rechtsfilosofie van de Universiteit Leiden.

    De grote toestroom van migranten en asielzoekers in de EU houdt vandaag nog steeds verschillende regelgevers wakker. Niet alleen de nationale overheden, maar ook de EU-regelgevers zoeken naarstig naar oplossingen voor de problematiek. Daartoe trachten de EU-regelgevers het Gemeenschappelijk Europees Asielstelsel (GEAS) bij te werken.
    Binnen de groep migranten en asielzoekers bestaat een specifiek kwetsbaar individu: de niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV). Hij is zowel vreemdeling als kind en kreeg reeds ruime aandacht binnen de rechtsleer. Nochtans werd deze aandacht niet altijd weerspiegeld in de EU-wetgeving. Het lijkt alsof hij door de regelgevers af en toe uit het oog verloren werd.
    Uit het onderzoek blijkt dat de EU-regelgevers nog een zekere weg te gaan hebben. In de eerste plaats bestaat er wat betreft het geheel aan regels met betrekking tot de NBMV weinig coherentie. De EU-regelgevers zouden bijvoorbeeld meer duidelijkheid kunnen scheppen door een uniforme methode vast te leggen voor de bepaling van de leeftijd van de NBMV. Hetzelfde geldt voor een verduidelijking van de notie ‘het belang van het kind’ binnen asiel en migratie. Verder blijken de Dublinoverdrachten en de vrijheidsontneming van de NBMV nog steeds gevoelige pijnpunten. Hier en daar moet aan de hervorming van het asielstelsel nog wat gesleuteld worden, zodat de rechten van de NBMV optimaal beschermd kunnen worden.
    ---
    Today, the large influx of migrants and asylum seekers into the European Union (EU) keeps several regulators awake. Not only national authorities, but EU regulators too are diligently searching for solutions to the problems. To this end, EU regulators are seeking to update the Common European Asylum System (CEAS).
    There is however a particularly vulnerable individual within the group of migrants and asylum seekers: the unaccompanied alien minor (UAM). These minors already received a great deal of attention within legal doctrine. However, this attention was not always reflected in EU legislation. It seems as if UAM are occasionally lost from sight by the regulators.
    This article shows that the EU regulators still have a certain way to go. First, there is little coherence in the set of rules relating to the UAM. The EU regulators could, for example, create more clarity by laying down a uniform method for determining the age of the UAM. The same applies to a clarification of the notion of 'best interests of the child' within the context of asylum and migration. Second, the proposal for a new Dublin Regulation and the proposal for a new Reception Conditions Directive still appear to be sensitive. Here and there, the reform of the asylum system still needs adjustments, so that the rights of UAM can be optimally protected."


Caranina Colpaert LLM
Caranina Colpaert is PhD researcher

    This article relies on the premise that to understand the significance of Open Access Repositories (OARs) it is necessary to know the context of the debate. Therefore, it is necessary to trace the historical development of the concept of copyright as a property right. The continued relevance of the rationales for copyright interests, both philosophical and pragmatic, will be assessed against the contemporary times of digital publishing. It follows then discussion about the rise of Open Access (OA) practice and its impact on conventional publishing methods. The present article argues about the proper equilibrium between self-interest and social good. In other words, there is a need to find a tool in order to balance individuals’ interests and common will. Therefore, there is examination of the concept of property that interrelates justice (Plato), private ownership (Aristotle), labour (Locke), growth of personality (Hegel) and a bundle of rights that constitute legal relations (Hohfeld). This examination sets the context for the argument.


Nikos Koutras
Postdoctoral Researcher, Faculty of Law, University of Antwerp.
Article

Access_open Het 100-jarige bestaan van de Vereeniging voor Wijsbegeerte des Rechts

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2019
Keywords oprichting, doelstelling, band met de rechtspraktijk, rechtsfilosofie en rechtstheorie, internationalisering (van Duits naar Engels)
Authors Corjo Jansen
AbstractAuthor's information

    De Vereeniging voor Wijsbegeerte des Rechts (VWR) is opgericht op 28 december 1918. Zij had tot doel de studie van de rechtsfilosofie en het maatschappelijk leven. Deze studie moest tevens relevant zijn voor de rechtspraktijk. Vanaf haar oprichting kende de VWR een sterke internationale oriëntatie, aanvankelijk gericht op Duitsland, later vooral op het Verenigd Koninkrijk en de VS. In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw beleefde de VWR wat betreft belangstelling en ledenaantal haar hoogtepunt. In 2016 besloot zij – na een gestage neergang – de band met de Nederlandstalige (praktijk)jurist weer aan te halen.


Corjo Jansen
Corjo Jansen is hoogleraar Rechtsgeschiedenis en Burgerlijk recht en voorzitter van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.

    Hoe was het met de Nederlandse rechtsfilosofie gesteld in de eerste jaren na de bevrijding? In die periode lag binnen de Vereniging voor Wijsbegeerte des Rechts (VWR) het accent op de verhouding tussen recht en gerechtigheid in het licht van het recente verleden. Dit artikel bespreekt interventies van drie actieve VWR-leden in de jaren 1946-1949: C.M.O. van Nispen tot Sevenaer, I. Kisch en G.E. Langemeijer. Gelet op het sterke accent op de relatie tussen recht en moraal in deze periode, is het niet verwonderlijk dat de rechtsfilosofie van Gustav Radbruch destijds binnen de VWR veel bijval kreeg. Wat was Radbruchs invloed op deze drie rechtsfilosofen? Het artikel besluit met een bespreking van de herdenkingsrede die VWR-voorzitter M.P. Vrij in 1949 uitsprak bij het dertigjarig bestaan. Deze rede markeert het eindpunt van vier jaar van intensieve aandacht voor de rechtsfilosofische implicaties van de ervaring van juridisch onrecht.


Wouter Veraart
Wouter Veraart is hoogleraar Rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Article

Access_open De dialectiek bij Paul Scholten: haar aard, oorsprong en bronnen

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2019
Keywords Paul Scholten, dialectiek, existentialisme, Artificiële Intelligentie, ethische theologie
Authors Wim Borst
AbstractAuthor's information

    Een bekend kenmerk van Scholtens beschouwingswijze was zijn dialectiek.
    Langemeijer heeft de aard ervan scherp geduid, maar erkend in het duister te tasten over haar oorsprong en bronnen. Hegel en Barth komen niet in aanmerking. Ik wijs op de betekenis die de theoloog P.D. Chantepie de la Saussaye (1848-1920) gehad kan hebben voor de ontwikkeling van Scholtens denken, zowel inhoudelijk als qua dialectiek. Sommige contemporaine auteurs lijken Scholten schatplichtig te achten aan Kierkegaard; ik acht dat te speculatief. Moderne digitale technologie opent potentieel grote mogelijkheden voor de toepassing van computers en artificiële intelligentie (AI) in de rechtspleging. Scholtens dialectiek stelt ons voor fundamentele rechtsfilosofische vragen ten aanzien van de mogelijkheid en wenselijkheid van ‘rechtspraak door computers’.


Wim Borst
Wim Borst is beleidsadviseur op het Ministerie van Justitie en Veiligheid.

Otmar Hagemann
Otmar Hagemann is professor of social work at Kiel University of Applied Sciences, Kiel, Germany.

Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis (PhD) is an independent researcher, trainer and mediator in the field of human rights, children’s rights and restorative justice.

Jacques Claessen
Jacques Claessen (PhD) is an Associate Professor of Criminal Law and Criminal Procedure at the Department of Criminal Law and Criminology of the Faculty of Law at Maastricht University.

Gert Jan Slump
Gert Jan Slump (MA) is an independent criminologist, restorative justice consultant and social entrepreneur.

Anneke van Hoek
Anneke van Hoek (MA) is an independent criminologist.
Article

The European Court of Human Rights and the Central and Eastern European States

Journal East European Yearbook on Human Rights, Issue 1 2018
Keywords Case law regarding Central and Eastern Europe, ECHR, human rights, reform, European system of Human Rights
Authors András Baka
AbstractAuthor's information

    At the time of its creation and during the following 30 years, the European Court of Human Rights was a Western European institution. It was not until the sweeping political changes in 1989-1990 that the Central and Eastern European countries could join the European system of individual human rights protection. The massive and relatively rapid movement of accession of the ‘new states’ to the European Convention on Human Rights had a twofold effect. On the one hand it led to a complete reform of the human rights machinery of the Council of Europe, changing the structure and the procedure. A new, permanent and more efficient system emerged. What is even more important, the Court has had to deal with not only the traditional questions of individual human rights but under the Convention new issues were coming to the Court from applicants of the former eastern-bloc countries. On the other hand, being part of the European human rights mechanism, these countries got a chance to establish or re-establish the rule of law, they got support, legal standards and guidance on how to respect and protect individual human rights. The article addresses some of these elements. It also points out that public hopes and expectations towards the Court – especially nowadays in respect of certain countries – are sometimes too high. The Court has its limits. It has been designed to remedy certain individual injustices of democratic states following common values but cannot alone substitute seriously weakened democratic statehood.


András Baka
Former judge of the ECtHR (1991-2008); former president of the Hungarian Supreme Court.

Ariejan Korteweg
Ariejan Korteweg is journalist bij de Volkskrant. Hij studeerde sociologie in Leiden en politicologie in Amsterdam (UvA), werkte bij het Leidsch Dagblad, was hoofdredacteur van dansblad Notes en chef van de kunstredactie van de Volkskrant. In 2001 werd hij daar adjunct-hoofdredacteur, in 2007 correspondent in Parijs. Sinds 2013 is hij parlementair verslaggever en columnist. Hij schreef Surplace (2013) en Lobbyland (2016), dat laatste boek samen met Eline Huisman.
Conversations on restorative justice

Access_open A talk with John Blad

Journal The International Journal of Restorative Justice, Issue 1 2018
Authors Albert Dzur
Author's information

Albert Dzur
Albert Dzur is Professor, Departments of Political Science and Philosophy, Bowling Green State University, USA. Contact author: awdzur@bgsu.edu.
Article

TTIP, business as usual?

Europees handelsbeleid en zijn democratische legitimiteit

Journal Res Publica, Issue 2 2018
Keywords Democratic legitimacy, input legitimacy, throughput legitimacy, European Union, trade policy, TTIP
Authors Joke Matthieu
AbstractAuthor's information

    The Transatlantic Trade and Investment partnership (TTIP) can be considered a game changer among trade agreements. TTIP not only aims to shape tomorrow’s trade policy, but has also had a huge influence on the democratic legitimacy of the EU. Based on recent literature on democratic legitimacy in the EU, this paper studies how the TTIP negotiations score in terms of input and throughput legitimacy. Our results show that these negotiations have had their fair share of problems, such as the disproportionally large influence of corporations and a lack of transparency and accountability. However, these legitimacy problems occurred mainly in the first months of the negotiation process. Due to large scale protests and critiques from civil society, measures were taken to boost the legitimacy of the process.


Joke Matthieu
Joke Matthieu studeerde politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) waar ze in 2016 afstudeerde met grootste onderscheiding. Voor haar masterproef onderzocht ze de democratische legitimiteit van de TTIP-onderhandelingen en daarvoor kreeg ze de prijs voor de beste masterproef van de faculteit Economische en Sociale wetenschappen. Ze zette haar academische carrière verder aan de VUB, waar ze momenteel werkt als onderwijsassistent en doctoraatsonderzoeker. Haar voornaamste onderzoeksinteresses zijn democratische innovatie, politieke socialisatie en burgerschap. Ze bereidt momenteel een doctoraat voor over de effecten van deliberatie op het burgerschap van jongeren.
Research Note

Het mattheuseffect in de verkiezingscampagne

Journal Res Publica, Issue 2 2018
Authors Stefaan Walgrave and Christophe Lesschaeve
Author's information

Stefaan Walgrave
Stefaan Walgrave is professor politieke wetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen. Zijn onderzoek focust op media en politiek, sociale bewegingen en politieke participatie en publieke opinie en verkiezingen.

Christophe Lesschaeve
Christophe Lesschaeve is postdoctoraal onderzoeker aan de Université de Luxembourg. Zijn onderzoek is vooral gefocust op representatie, opiniecongruentie tussen kiezers en politieke elites en het gedrag van kiezers.
Article

Access_open Filosofie in de rechtszaal

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2017
Keywords rechtsfilosofie, politiek proces, onverdraagzaamheid, Wilders II
Authors Bert van Roermund
AbstractAuthor's information

    Naar aanleiding van het optreden van Paul Cliteur in het Wilders II-proces rijst de vraag hoe de inzet van een rechtsgang zich verhoudt tot de eigen aard van de filosofie. Aan de ene kant vertolkt filosofie precies dat register van waarheid dat in het recht aan de orde is. Aan de andere kant is die vertolking zo oneindig open dat ze strijdt met het gesloten karakter van het recht als een proces dat conflicten moet beëindigen door gezagvolle beslissingen. Socrates’ optreden in zijn eigen proces toont aan: de slechtste dienst die de filosofie het recht kan bewijzen, is het verlengstuk te worden van het positieve recht en zich bij voorbaat beschikbaar te stellen als een vindplaats van argumenten wanneer de juridische argumenten op zijn. De slotparagraaf argumenteert dat Cliteur deze socratische les terzijde legt. Als gevolg daarvan geeft hij een geforceerde lezing van het Felter-arrest en mist hij de kern van het begrip ‘onverdraagzaamheid’.


Bert van Roermund
Bert van Roermund is professor emeritus aan Tilburg Law School.
Article

The Law of Consumer Redress in an Evolving Digital Market

Upgrading from Alternative to Online Dispute Resolution

Journal International Journal of Online Dispute Resolution, Issue 2 2017
Keywords e-Commerce, Online Dispute Resolution, Alternative Dispute Resolution, consumer redress
Authors Pablo Cortés
AbstractAuthor's information

    This article contains the Introduction of a book with the same title recently published by Cambridge University Press, which is reproduced here with its permission. The book offers an updated analysis of the various consumer dispute resolution processes, its laws and best practices, which are collectively referred as the Law of Consumer Redress. The book argues that many consumer redress systems, and in particular publicly certified Alternative Dispute Resolution (ADR) entities, are more than a mere dispute resolution mechanism as they provide a public service for consumers that complements, and often replaces, the role of the courts. In examining the current redress models (i.e., public enforcement, private enforcement and other market options), the book calls for greater integration amongst these various redress options. It also advocates, inter alia, for processes that encourage parties to participate in ADR processes, settle meritorious claims and ensure extrajudicial enforcement of final outcomes. Lastly, the book calls for a more efficient rationalization of certified ADR entities, which should be better coordinated and accessible through technological means.


Pablo Cortés
Pablo Cortés is Professor of Civil Justice, University of Leicester, UK.

Niels Spierings
Niels Spierings is als universitair docent sociologie verbonden aan de Radboud Universiteit, Radboud Social Cultural Sciences. Binnen de gender- en politieke sociologie richten zijn onderzoek en publicaties zich op populisme, sociale media, democratisering, sociale houdingen, emancipatie, migratie en islam. Zijn geografische focus omvat Nederland in vergelijkend Europees perspectief en het Midden-Oosten en Noord-Afrika. Ook publiceert hij over methoden in gender- en intersectioneel onderzoek.

Sara de Jong
Sara de Jong is research fellow aan The Open University (Verenigd Koninkrijk), waar ze de co-coördinator is van de onderzoeksrichting Justice, Borders and Rights in de Strategic Research Area Citizenship & Governance. In verschillende projecten onderzoekt zij de politiek van ngo’s en hun medewerkers op het gebied van migratie, gender en internationale ontwikkeling. Haar boek Complicit Sisters: Gender and Women’s Issues Across North South Divides verscheen in 2017 bij Oxford University Press.

Eline Severs
Eline Severs doceert politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek concentreert zich voornamelijk op vraagstukken van democratische vertegenwoordiging, de betekenis van legitimiteit, en democratische inclusie. Recent redigeerde ze, samen met Suzanne Dovi (University of Arizona), een symposium over de ethiek van vertegenwoordigers in PS: Political Science and Politics (2018, forthcoming).

Philippe De Vries
Philippe De Vries is docent in de masteropleiding Politieke Communicatie en lid van de Political Communication Research Unit aan de Universiteit Antwerpen. Zijn expertise ligt in de politieke marketing, politieke communicatie en politieke psychologie.
Showing 1 - 20 of 83 results
« 1 3 4 5
You can search full text for articles by entering your search term in the search field. If you click the search button the search results will be shown on a fresh page where the search results can be narrowed down by category or year.