Search result: 18 articles

x

Klaas Rozemond
Klaas Rozemond is universitair hoofddocent strafrecht Vrije Universiteit Amsterdam.

Jacques Claessen
Jacques Claessen is Associate Professor of Criminal Law and Endowed Professor of Restorative Justice at the Faculty of Law of Maastricht University, The Netherlands.

    This article is part of a broader discussion about attaining a full-fledged child-friendly (criminal) justice. Attaining that goal is particularly challenging in cases of international parental abduction, due to the involvement of two branches of law. It is examined to what extent the current interaction guarantees a decision in the best interests of the child. More specifically, the implications of the adage le criminel tient le civil en état are scrutinised from a children’s rights perspective.
    The central research question reads: “to what extent can the adage le criminal tient le civil and état be upheld when further elaborating the best interests of the child in criminal law, more specifically in the interaction between civil and criminal law?” The research wants to contribute to the debate of the difficult triangular relationship between civil law, criminal law and children's rights law.
    In cases of child abduction, the link and interaction between the two procedures goes beyond the traditionally accepted scope of civil damages arising from a criminal offense. Nevertheless, both procedures following a parental abduction are based on the same facts and are inextricably linked, which means that they have to be assessed together, which means that they should be judged together. The question arises as to how the two parallel procedures can be coordinated better, now that it is clear that they may significantly influence each other.
    A full-fledged application of the adage means that a decision concerning the return of the child can only be handed down from the moment when the criminal proceeding (concerning the prosecution of the parent) is completed. It is immediately clear that this cannot be in the best interests of the child.
    It is argued that the adage must be abandoned or reversed to guarantee article 3 CRC. This statement is substantiated with arguments of both practical (referring to the time course) and fundamental (importance of the child best interets as a first consideration) nature. Thereby counterarguments are anticipated.
    ---
    Dit artikel kadert binnen de bredere discussie inzake het streven naar een kindvriendelijk (straf)rechtssysteem. In zaken van internationale parentale ontvoering, waarbij twee rechtstakken betrokken zijn, is dit bijzonder uitdagend. Er wordt onderzocht in welke mate de huidige interactie tussen beide rechtstakken het belang van het kind waarborgt. Concreet wordt het adagium le criminel tient le civil en état vanuit een kinderrechten-perspectief aan een kritische blik onderworpen.
    De centrale onderzoeksvraag luidt: “in welke mate is het adagium le criminel tient le civil and état houdbaar in de verdere uitwerking van het belang van het kind in het strafrecht, meer bepaald in de wisselwerking tussen burgerlijk en strafrecht?” Het artikel wil aan het belang van het kind een duidelijkere positie geven in de moeilijke driehoeksverhouding tussen burgerlijk recht, strafrecht en kinderrechten.
    In zaken van kinderontvoering gaat het de toepassing van het adagium verder dan de traditioneel aanvaarde reikwijdte van civielrechtelijke schadevergoedingen die voortvloeien uit een strafbaar feit. Niettemin zijn beide procedures, volgend op een parentale ontvoering, gebaseerd op dezelfde feiten en onlosmakelijk verbonden met elkaar, wat betekent dat ze samen moeten worden beoordeeld. De vraag rijst hoe de twee parallelle procedures beter gecoördineerd kunnen worden, nu duidelijk is dat ze elkaar op een significante manier kunnen beïnvloeden.
    Onverkorte toepassing van het adagium betekent dat de burgerlijke beslissing betreffende de terugkeer van het kind pas kan plaatsvinden vanaf het moment dat de strafrechtelijke procedure (betreffende de vervolging van de ouder) is voltooid. Het is meteen duidelijk dat dit niet in het belang van het kind kan zijn.
    Er wordt geargumenteerd dat het adagium moet worden verlaten dan wel omgedraaid om artikel 3 IVRK te garanderen. Argumenten van zowel praktische (verwijzend naar de tijdsverloop) als fundamentele (belang van het kind als eerste overweging) aard onderbouwen dit standpunt. Daarbij wordt geanticipeerd op tegenargumenten.


Elise Blondeel MSc
Doctoraal onderzoekster Strafrecht & Rechten van het Kind (BOF-mandaat). Onderzoeksdomein: Internationale Parentale Ontvoering. Lid van het IRCP (Institute for International Research on Criminal Policy) en het HRC (Human Rights Centre).

prof. dr. Wendy De Bondt
Professor Strafrecht/Rechten van het Kind/Jeugdrecht aan Universiteit Gent. Onderzoeksdomein: (Europees) strafrecht(elijk beleid) & Rechten van het Kind. Lid van het IRCP (Institute for International Research on Criminal Policy) en het HRC (Human Rights Centre).

    Alternative/amicable dispute resolution (ADR) is omnipresent these days. In line with global evolutions, the Belgian legislator embraced the use of these ADR mechanisms. Recent reforms of the law, first in 2013 with the act concerning the introduction of a Family and Juvenile Court and consecutively in 2018 with the act containing diverse provisions regarding civil law with a view to the promotion of alternative forms of conflict resolution, implemented more far-reaching measures to promote ADR than ever before. The ultimate goal seems to alter our society’s way of conflict resolution and make the court the ultimum remedium in case all other options failed.In that respect, the legislator took multiple initiatives to stimulate amicable dispute resolution. The reform of 2013 focused solely on family cases, the one in 2018 was broader and designed for all civil cases. The legal tools consist firstly of an information provision regarding ADR for the family judge’s clerk, lawyers and bailiffs. The judges can hear parties about prior initiatives they took to resolve their conflict amicably and assess whether amicable solutions can still be considered, as well as explain these types of solutions and adjourn the case for a short period to investigate the possibilities of amicable conflict resolution. A legal framework has been created for a new method, namely collaborative law and the law also regulates the link between a judicial procedure and the methods of mediation and collaborative law to facilitate the transition between these procedures. Finally, within the Family Courts, specific ‘Chambers of Amicable Settlement’ were created, which framework is investigated more closely in this article. All of these legal tools are further discussed and assessed on their strengths and weaknesses.
    ---
    Alternatieve of minnelijke conflictoplossing is alomtegenwoordig. De Belgische wetgever heeft het gebruik van deze minnelijke oplossingsmethodes omarmd, in navolging van wereldwijde evoluties. Recente wetshervormingen implementeerden maatregelen ter promotie van minnelijke conflictoplossing die verder reiken dan ooit tevoren. Het betreft vooreerst de hervorming in 2013 met de wet betreffende de invoering van een familie- en jeugdrechtbank en vervolgens kwam er in 2018 de wet houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing. De ultieme doelstelling van deze hervormingen is een mentaliteitswijziging omtrent onze wijze van conflictoplossing teweegbrengen, waarbij de rechtbank het ultimum remedium dient te worden nadat alle overige opties faalden.De wetshervorming van 2013 focuste uitsluitend op familiale materies, de hervorming van 2018 was ruimer en had alle burgerlijke zaken voor ogen. De wettelijke mogelijkheden bestaan vooreerst uit een informatieverstrekking omtrent minnelijke conflictoplossing in hoofde van de griffier van de familierechtbank, advocaten en gerechtsdeurwaarders. Rechters kunnen partijen horen omtrent eerdere ondernomen initiatieven om hun conflict op een minnelijke manier op te lossen, zij beoordelen of minnelijke oplossingen alsnog kunnen worden overwogen, zij kunnen de diverse minnelijke mogelijkheden toelichten aan partijen alsook de zaak voor een korte periode uitstellen om partijen toe te laten de mogelijkheden aan minnelijke conflictoplossing te verkennen. Er werd voorts een wetgevend kader uitgewerkt voor een nieuwe oplossingsmethode, namelijk de collaboratieve onderhandeling. De wet creëert tevens een link tussen een gerechtelijke procedure en de methodes van bemiddeling en collaboratieve onderhandeling, om de overgang tussen deze procedures te vereenvoudigen. Tot slot werden er binnen de familierechtbanken specifieke kamers voor minnelijke schikking opgericht, waarvan het wetgevend kader in detail wordt bestudeerd in dit artikel. Al deze wettelijke opties worden nader besproken en beoordeeld aan de hand van hun sterktes en zwaktes.


Sofie Raes
Sofie Raes is a Ph.D. candidate at the Institute for Family Law of the University of Ghent, where she researches alternative dispute resolution, with a focus on the chambers of amicable settlement in Family Courts. She is also an accredited mediator in family cases.
Article

Access_open Over verplichte excuses en spreekrecht

Wat is er mis met empirisch-juridisch onderzoek naar slachtoffers?

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2017
Keywords empirical legal studies, apologies, procedural justice, humiliation, victim rights
Authors Vincent Geeraets and Wouter Veraart
AbstractAuthor's information

    The central question in this article is whether an empirical-legal approach of victimhood and victim rights could offer a sufficient basis for proposals of legal reform of the legal system. In this article, we choose a normative-critical approach and raise some objections to the way in which part of such research is currently taking place in the Netherlands, on the basis of two examples of research in this field, one dealing with compelled apologies as a possible remedy within civil procedural law and the other with the victim’s right to be heard within the criminal legal procedure. In both cases, we argue, the strong focus on the measurable needs of victims can lead to a relatively instrumental view of the legal system. The legal system must then increasingly be tailored to the wishes and needs of victims. Within this legal-empirical, victim-oriented approach, there is little regard for the general normative principles of our present legal system, in which an equal and respectful treatment of each human being as a free and responsible legal subject is a central value. We argue that results of empirical-legal research should not too easily or too quickly be translated into proposals for legal reform, but first become part of a hermeneutical discussion about norms and legal principles, specific to the normative quality of legal science itself.


Vincent Geeraets
Vincent Geeraets is universitair docent aan de afdeling Rechtstheorie en rechtsgeschiedenis van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Wouter Veraart
Wouter Veraart is hoogleraar rechtsfilosofie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

    Sinds de invoering van het Burgerlijk Wetboek in 1838 heeft men herhaaldelijk getracht de gronden voor echtscheiding te verruimen. Hoewel deze gronden uiteindelijk pas verruimd werden in 1971, werd de tot die tijd bestaande situatie, waarbij echtscheiding slechts op vier gronden mogelijk was en echtscheiding met wederzijds goedvinden verboden was, als onwenselijk beschouwd. Dit gevoelen werd nog sterker na het arrest van de Hoge Raad uit 1883, de zogenaamde 'Groote Leugen'. Teneinde een einde te maken aan deze 'Groote Leugen' en in een poging het Nederlandse echtscheidingsrecht meer in lijn te brengen met het Duitse recht, heeft de Nederlandse secretaris-generaal voor Justitie, J.J. Schrieke, tussen 1942 en 1944 twee wijzigingsvoorstellen voorgelegd aan de Duitse autoriteiten welke destijds Nederland bezet hielden. Dit artikel analyseert beide wijzigingsvoorstellen en probeert een antwoord te geven op de vraag in hoeverre deze voorstellen het resultaat waren van een mogelijke invloed van het Nationaal Socialisme.
    ---
    Since the introduction of the Civil Code in 1838 one has repeatedly tried to extend the grounds for divorce. Although the grounds for divorce were not extended before 1971, the then existing situation, with only four grounds for divorce and a prohibition of divorce with mutual consent, was considered undesirable This sentiment became even stronger after the judgment of the Dutch Supreme Court of 1883, which became known as the 'Big Lie'. In order to stop this 'Big Lie' and in an attempt to bring Dutch divorce law more in line with German divorce law, the Dutch secretary-general of Justice, J.J. Schrieke, has presented the German authorities, which then occupied the Netherlands, with two draft revisions between 1942 and 1944. This article analyses both drafts and tries to answer the question to what extent these drafts were the result of a possible influence of National Socialism. This article is a summary of a part of the most important conclusions of the dissertation of the author, titled: 'National Socialist Family Law. The influence of National Socialism on marriage and divorce law in Germany and the Netherlands' defended at Maastricht University on 8 November 2012. A commercial edition of the dissertation is forthcoming.


Dr. Mariken Lenaerts LL.M., Ph.D.
Mariken Lenaerts obtained her doctorate at Maastricht University.
Article

Access_open Rechtspraak en waarheid in Aischylos’ Oresteia en Yael Farbers Molora

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 2 2013
Keywords Oresteia, tragedy, conflict resolution, truth and reconciliation commission, restorative justice
Authors Lukas van den Berge
AbstractAuthor's information

    This article explores the themes of injustice and dehumanization in Aeschylus’ Oresteia and Yael Farber’s Molora, in which the story of the Oresteia is dramatized against the backdrop of post-apartheid South Africa. It is argued that both plays depict wrongdoers and victims alike as social outcasts. Thus, they can both be described with Paul Ricoeur as ‘sketches of a man,’ not being able to live up to their full human potential. Borrowing from Ricoeur’s legal philosophy, it is then explained how public trials and hearings help them to reintegrate into society, in which they can regain their full humanity.


Lukas van den Berge
Lukas van den Berge is researcher at the Montaigne Centre for Judicial Administration and Conflict Resolution of Utrecht University (the Netherlands), where he prepares a dissertation on the theory of administrative procedural law.

Jorg Kustermans
Jorg Kustermans is als mandaatassistent verbonden aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen.
Essay

De politieke werkzaamheid van waarheid aan het eind van de twintigste eeuw

De Waarheids- en Verzoeningscommissie in Zuid-Afrika

Journal Res Publica, Issue 1 2011
Authors Ignaas Devisch
Author's information

Ignaas Devisch
Ignaas Devisch (1970) is als filosoof verbonden aan de Arteveldehogeschool en de Universiteit Gent. Hij doceert er medische filosofie en ethiek, bio-ethiek en sociale filosofie. Hij studeerde aan de universiteiten van Gent en Brussel en promoveerde in 2002. Hij publiceert regelmatig in binnen- en buitenland over medische filosofie, sociale en politieke filosofie, sportfilosofie en cultuurfilosofie. Hij is tevens voorzitter van vzw De Maakbare Mens.
Book Review

Access_open Judith Leest, Een redelijk ritueel. Bemiddeling tussen strafrecht en leefwereld (diss. Utrecht).

Den Haag: Boom Juridische uitgevers 2007, 264 p.

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2008
Keywords bemiddeling, delinquent, slachtoffer, strafrecht, identiteitsbewijs, strafvordering, verzoening, aansprakelijkheid, bemiddelaar, confrontatie
Authors K. Rozemond

K. Rozemond
Article

Access_open Evolutionair sociaal constructivisme, recht en rechtsvergelijking

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2007
Keywords menselijke gedraging, model, auteur, noodzakelijkheid, overdracht, backbone, bedreiging, burgerlijk recht, contract, coöperatie
Authors B. Du Laing

B. Du Laing

    The last local elections in Wallonia were marked by the introduction of a new legislation concerning the way mayors are appointed. Before 2006, mayors were appointed by the regional government. Since the last elections, a new decree institutes that is automatically appointed mayor the candidate having most preferential votes from the list having most seats. In this article, we explore how the new legislation has affected the way voters behave in 2006 and also how it has affected parties when it comes to coalition agreements. What appears is that the new legislation has a fairly limited impact. Voters did not cast more preferential votes in 2006 than in 2000. The logics of coalitions have not been changed significantly. Finally, the only notable – even if not spectacular – impact of the new Walloon decree is that the elections have been much more focused on the candidates that were leading their list, the ones that were presented by their party as their candidate to become mayor. These candidates have more often been appointed mayors in 2006 than in 2000 and the proportion of preferential votes that they have received is higher in 2006. In that sense, even if the degree of change must not be exaggerated, Walloon local elections are slightly turning into a horse race between candidates leading their list.


Jean-Benoit Pilet
Jean-Benoit Pilet is doctor in de politieke wetenschappen en FNRS-postdoctoraal onderzoeker aan de Université libre de Bruxelles. Zijn werken en publicaties gaan hoofdzakelijk over de kieswet, de kieshervormingen en de lokale politiek.

Pascal Delwit
Pascal Delwit is professor politieke wetenschappen aan de Université libre de Bruxelles. Zijn werken en publicaties focussen hoofdzakelijk op de Belgische en Europese politiek, de verkiezingen en de politieke partijen.

Emilie van Haute
Emilie van Haute is promovenda in de politieke wetenschappen en assistente aan de Université libre de Bruxelles. Haar werken en publicaties handelen in hoofdzaak over de politieke participatie, de partijleden en de Belgische politiek.
Article

Access_open De tijd van het recht. Mensenrechten tussen recht en politiek

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2005
Keywords belofte, rechterlijke macht, geweld, grondrecht, rechtsstaat, regering, slachtoffer, arrestatie, delinquent, illegaal
Authors F. Atria

F. Atria
Book Review

Access_open P. van Tongeren (red.), Is vergeving mogelijk?

CEKUN-boekenreeks 7, Leende: Damon 2000, 185 p.; E. Christodoulidis & S. Veitch (eds.), Lethe's Law. Justice, Law and Ethics in Reconciliation, Oxford 2001, 235 p.

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 1 2003
Authors J.-M. Piret

J.-M. Piret
Article

Access_open Hannah Arendt: publiek domein, recht en rechtspraak

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2003
Keywords rechtspraak, erkenning, idee, noodzakelijkheid, activa, mediation, contract, model, slachtoffer, aansprakelijkheid
Authors T. Hol

T. Hol
Article

Access_open Schuldvergeving als rechtsprincipe

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2003
Keywords belofte, schuldenaar, activa, faillissement, schuld, contract, schuldeiser, burgerlijk recht, consument, democratie
Authors N. Huls

N. Huls
Article

Access_open Over vrienden en broeders, eenzame massamensen, vijanden en tegenstanders. Hannah Arendts en Carl Schmitts uitdaging van de liberale democratie

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2003
Keywords democratie, model, idee, identiteit, politieke filosofie, verlies, verzoening, bedreiging, voorwaarde, noodzakelijkheid
Authors M. Borren

M. Borren
Article

Access_open Hoofddoeken in Holland. Een verkenning van een contextuele benadering van een multicultureel conflict

Journal Netherlands Journal of Legal Philosophy, Issue 3 2002
Keywords stagiair, onderwijs, schikking, gelijke behandeling, identiteit, vrijheid van godsdienst, personeel, verbod, erkenning, leerling
Authors S. Saharso and O. Verhaar

S. Saharso

O. Verhaar
Showing all 18 results
You can search full text for articles by entering your search term in the search field. If you click the search button the search results will be shown on a fresh page where the search results can be narrowed down by category or year.