Search result: 177 articles

x
The search results will be filtered on:
Journal Res Publica x Category Article x
Article

Ze halen hun slag wel thuis

Over particratie en het aanpassingsvermogen van Belgische partijen

Journal Res Publica, Issue 4 2018
Keywords dealignment, electoral support, federalism, gender, particracy, personalisation
Authors Jean-Benoit Pilet and Petra Meier
AbstractAuthor's information

    Particracy has been widely used to describe Belgian politics after World War II. Yet, Belgian politics has changed. We examine five changes – the federalisation of the state architecture, diversification of the demos, erosion of political support, party’s dealignment and personalisation of politics – to evaluate how they have affected particracy in Belgium. The answer is twofold: particracy is still very strong, but it has changed. The three traditional party families that had institutionalised particracy in Belgium (Christian-democrats, socialists and liberals) had to face new challengers. They co-opted the most moderate ones (greens, regionalists), while excluding others (radical right/left). Intraparty democracy/participatory/transparency reforms, or changes to the electoral system, all of them opening the political system, were also implemented, but parties were able to overcome them. Yet, the ever-growing gap between traditional parties and citizens and the growth of new parties building upon voters’ dissatisfaction with traditional parties, may put particracy more radically into question.


Jean-Benoit Pilet
Jean-Benoit Pilet is hoogleraar in de Politieke Wetenschappen aan de Université Libre de Bruxelles (ULB). Hij doet onderzoek naar politieke partijen, kiessystemen, kiesgedrag, de personalisering van de politiek en democratische vernieuwing. Over die thema’s publiceerde hij boeken bij Oxford University Press en Routledge en artikels in wetenschappelijke tijdschriften zoals European Journal of Political Reform, West European Politics, Party Politics, Electoral Studies, Environmental Politics, Representation, Journal of Elections, Public Opinion and Parties, Res Publica, Revue Française de Science Politique en Comparative European Politics.

Petra Meier
Petra Meier, hoogleraar Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Antwerpen, focust op de representatie van gender, de reproductie van ongelijkheid en de constructie van normativiteit in politiek/beleid. Zij publiceerde recent een aantal special issues over de ontwikkeling van gender beleid (Journal of Women, Politics and Policies; met Emanuela Lombardo en Mieke Verloo), symbolische vertegenwoordiging (Politics, Groups, and Identities; met Tania Verge) en een boek over de professionalisering van de strijd voor gelijkheid (Academia L’Harmattan; met David Paternotte).
Article

Twee handen op één buik?

Hoe en waarom de mediatisering van de Vlaamse politiek en particratie hand in hand gaan

Journal Res Publica, Issue 4 2018
Keywords mediatisation, particracy, media logic
Authors Peter Van Aelst
AbstractAuthor's information

    There is a growing consensus that politics have become mediatised. News media have become more independent and are more guided by their own routines and standards and less by what political actors deem important. However, this paper argues that this has not led to a decrease of the power of political parties. In Belgium, particracy and mediatisation seem to go hand in hand. There are mainly two reasons for this. Firstly, media attention focuses heavily on politicians with power and in that sense, media logic and party logic overlap. Secondly, parties have adjusted well to the media and their logic, among others by integrating journalists in the party organisation. We expect that social media will gradually become more important for politicians, but that this evolution too will change little to the central position of political parties in our democracy.


Peter Van Aelst
Peter Van Aelst is onderzoeksprofessor aan het departement Politieke Wetenschappen van de Universiteit Antwerpen en lid van de onderzoeksgroep Media, Middenveld en Politiek. Hij doet onderzoek naar de oorzaken en gevolgen van de mediatisering van de politiek, verkiezingscampagnes, nieuwe media en politiek nieuws. Zijn onderzoek verschijnt in toonaangevende internationale tijdschriften, maar ook in publicaties voor een breder publiek.
Article

Lobbybrieven en het regeerakkoord

Een verkennend onderzoek naar de belangenpolitiek in de kabinetsformatie

Journal Res Publica, Issue 3 2018
Keywords lobby papers, coalition agreement, policy agenda, political attention
Authors Arco Timmermans
AbstractAuthor's information

    Lobbying by interest groups and the formation of governments both are established themes of empirical research, but not much is known about their linkage. This article presents an exploratory study of organizations and groups with interests seeking influence on the political agenda at the earliest stage of a governmental life cycle: its formation. From the theoretical perspective of the politics of attention, an empirical study is made of the lobby papers that government informateurs receive from business, non-profitorganizations and ngo’s, public organizations and citizens or citizen groups. By comparing the lobby agenda of these diverse organizations and groups to the coalition agreement, it is possible to draw some preliminary conclusions about whose issues and themes become visible and prominent on the governmental agenda, and whose topics obtain lower priority. This research is a basis for further analysis of the impact of lobbying on the policy agenda.


Arco Timmermans
Arco Timmermans is bijzonder hoogleraar public affairs aan de Haagse Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek en onderwijs gaan over de dynamiek van de maatschappelijke en politieke agenda, issuemanagement, lobbycoalities en de professionalisering van public affairs als terrein van wetenschap en praktijk. Hij is mede-oprichter en leider van de Nederlandse deelname in het internationale Comparative Agendas Project. Naast onderzoek en onderwijs in reguliere academische programma’s zoals de masterspecialisatie public affairs aan de Universiteit Leiden is hij ook intensief betrokken bij cursussen voor werkende professionals op het terrein van public affairs.
Article

Als je wint, heb je vrienden

Een verkenning van de pre-electorale aantrekkelijkheid van politieke partijen aan de hand van de verspreiding van verkiezingsmemoranda van belangengroepen

Journal Res Publica, Issue 3 2018
Keywords political parties, interest groups, election memoranda, rational choice, political effectiveness
Authors Tom Schamp and Nicolas Bouteca
AbstractAuthor's information

    In this paper we look at the way in which a wide range of interest groups have tried to influence political parties in Flanders. In order to test both aspects of the historic-institutional perspective and the rational choice perspective on party-group relations, we have analyzed the dissemination of in total 1569 memoranda by 616 interest groups over the six represented Flemish political parties in the 2013-2014 election year. We find that interest groups are very selective in the distribution of their memoranda to the different parties. Traditional parties seem more popular than new parties and political effectiveness seems to be the driver behind the selectivity of the large majority of the interest groups studied in this paper.


Tom Schamp
Tom Schamp is als doctoraatsstudent betrokken bij de vakgroep Politieke Wetenschappen van de UGent en lid van de Ghent Association for the Study of Parties and Representation (GASPAR). Hij publiceerde eerder over het effect van kiessystemen op de vertegenwoordiging van politieke partijen en over de relatie tussen politieke partijen en belangengroepen in Vlaanderen.

Nicolas Bouteca
Nicolas Bouteca is professor aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de UGent en lid van de Ghent Association for the Study of Parties and Representation (GASPAR). Hij publiceerde eerder over ideologie, politieke partijen, electorale competitie en het Belgische federalisme.
Article

De draaideur: van impasse naar uitweg

Journal Res Publica, Issue 3 2018
Keywords revolving door, lobbying, integrity, public values, polder democracy, regulatory solutions
Authors Toon Kerkhoff and Arco Timmermans
AbstractAuthor's information

    The revolving door is an ambiguous concept evoking strong opinions, and often is seen to lead to a decline in trust and legitimacy of the policy-making system of the Netherlands. But the different moral objections against the revolving door between functions and jobs in public and private organizations are barely matched with systematic empirical evidence of negative effects on the policy-making system. In this article, a definition of the concept is presented in order to help focusing the discussion on moral objections and practical implications of the revolving door. Two fundamental contradictions emerge from the panoply of arguments and assertions about this phenomenon. With our definition as a basis, we consider the different forms of the revolving door and discuss conditions under which it may be contained without solutions that are disproportionate to the problem. The way out is to develop clearer norms and integrity-enhancing mechanisms with which negative effects may be avoided and positive effects strengthened.


Toon Kerkhoff
Toon Kerkhoff is universitair docent bij het Instituut Bestuurskunde aan de Universiteit Leiden. Hij geeft leiding aan het Centre for Public Values & Ethics aan de Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden, waar wetenschappelijk onderzoek wordt gedaan naar normatieve vraagstukken in de publieke sector en kennis daarover breder toegankelijk wordt gemaakt. Het onderzoek van Kerkhoff richt zich in het bijzonder op good governance en bestuurlijke ethiek, waarover hij ook onderwijs geeft in bachelor- en masteropleidingen.

Arco Timmermans
Arco Timmermans is bijzonder hoogleraar public affairs aan de Haagse Faculteit Governance & Global Affairs van de Universiteit Leiden. Zijn onderzoek en onderwijs gaan over de dynamiek van de maatschappelijke en politieke agenda, issuemanagement, lobbycoalities en de professionalisering van public affairs als terrein van wetenschap en praktijk. Hij is mede-oprichter en leider van de Nederlandse deelname in het internationale Comparative Agendas Project. Naast onderzoek en onderwijs in reguliere academische programma’s zoals de masterspecialisatie public affairs aan de Universiteit Leiden is hij ook intensief betrokken bij cursussen voor werkende professionals op het terrein van public affairs.
Article

Formele bestuurslaag of informele belangengroep?

Een literatuurstudie over de rol en invloed van lokale besturen in het Europese multilevel governance systeem

Journal Res Publica, Issue 3 2018
Keywords local government, Europeanization, multilevel governance, interest group politics, European decision-making, literature review
Authors Tom Verhelst
AbstractAuthor's information

    Should we consider local authorities and their associations as a formal government layer when they interact with the European institutions in order to influence EU legislation, or should this be classified as informal territorial interest group behaviour? This paper discusses the role and the influence of local authorities in the European decision-making process. Based on a literature review, the paper contrasts both positions in terms of theoretical underpinning, practical implementation and academic state of affairs. The paper demonstrates that whilst the formal perspective has gained more leeway in the official European policy discourse and subsequent institutionalisation in recent decades, it is often insufficient to guarantee the effective inclusion of local authorities in EU policy-making. Interest group action, i.e. lobbying, might therefore still be a more practical and powerful way of promoting local political interests in the European policy arena.


Tom Verhelst
Tom Verhelst is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Lokale Politiek van de Universiteit Gent. Hij schreef een proefschrift over de rol en positie van de gemeenteraad en de gemeenteraadsleden in België. Zijn huidig onderzoek heeft hoofdzakelijk betrekking op de Europeanisering van lokale besturen en de functie van lokale besturen in het Europese multilevel governance systeem. In het bijzonder buigt hij zich over de vraag hoe lokale besturen invloed kunnen uitoefenen op Europese besluitvorming.
Article

TTIP, business as usual?

Europees handelsbeleid en zijn democratische legitimiteit

Journal Res Publica, Issue 2 2018
Keywords Democratic legitimacy, input legitimacy, throughput legitimacy, European Union, trade policy, TTIP
Authors Joke Matthieu
AbstractAuthor's information

    The Transatlantic Trade and Investment partnership (TTIP) can be considered a game changer among trade agreements. TTIP not only aims to shape tomorrow’s trade policy, but has also had a huge influence on the democratic legitimacy of the EU. Based on recent literature on democratic legitimacy in the EU, this paper studies how the TTIP negotiations score in terms of input and throughput legitimacy. Our results show that these negotiations have had their fair share of problems, such as the disproportionally large influence of corporations and a lack of transparency and accountability. However, these legitimacy problems occurred mainly in the first months of the negotiation process. Due to large scale protests and critiques from civil society, measures were taken to boost the legitimacy of the process.


Joke Matthieu
Joke Matthieu studeerde politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) waar ze in 2016 afstudeerde met grootste onderscheiding. Voor haar masterproef onderzocht ze de democratische legitimiteit van de TTIP-onderhandelingen en daarvoor kreeg ze de prijs voor de beste masterproef van de faculteit Economische en Sociale wetenschappen. Ze zette haar academische carrière verder aan de VUB, waar ze momenteel werkt als onderwijsassistent en doctoraatsonderzoeker. Haar voornaamste onderzoeksinteresses zijn democratische innovatie, politieke socialisatie en burgerschap. Ze bereidt momenteel een doctoraat voor over de effecten van deliberatie op het burgerschap van jongeren.
Article

Het financiële gedrag van politieke partijen

Een verkennend onderzoek op basis van de Belgische case

Journal Res Publica, Issue 2 2018
Keywords party spending, financial behaviour, spending behaviour, dealignment, professionalisation, Belgium
Authors Jef Smulders and Bart Maddens
AbstractAuthor's information

    In recent decades processes of partisan dealignment and professionalisation have taken place. But how do political parties adapt their financial behaviour to these changes in the political-electoral system? We answer this question by analysing two indicators. First, we examine to what extent parties spend their available financial means (saving versus spending strategy). Secondly, we study how parties spend their available financial means (bureaucratic versus electoral strategy). Based on these two indicators we set up a two-dimensional model describing the financial behaviour of political parties, which we apply to data of Belgian parties in the period 1999-2015. The results illustrate that most parties generally adopt a bureaucratic saving strategy, but that there has not been a linear evolution between 1999 and 2015 towards a specific financial behaviour as a reaction to dealignment and professionalisation.


Jef Smulders
Jef Smulders is aspirant van het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO), verbonden aan de KU Leuven, Instituut voor de Overheid. Hij verricht voornamelijk onderzoek naar partij- en campagenfinanciering en naar de profielen van verkiezingskandidaten. Zijn doctoraatsproefschrift handelde over de uitgaven van politieke partijen in Europa.

Bart Maddens
Bart Maddens is gewoon hoogleraar in de politieke wetenschappen aan de KU Leuven, Instituut voor de Overheid. Zijn onderzoeksagenda richt zich hoofdzakelijk op partijen campagnefinanciering, politieke carrièrepatronen, de profielen van verkiezingskandidaten en multilevelsystemen.
Article

Voorstel tot een historische kritiek van het neoliberalisme

Journal Res Publica, Issue 2 2018
Keywords Neoliberalism, Friedrich Hayek, Walter Eucken, classical liberalism, Michel Foucault
Authors Lars Cornelissen
AbstractAuthor's information

    In this article I argue that the commonplace interpretation of neoliberalism in the Netherlands is mistaken. According to this interpretation the term ‘neoliberalism’ refers to a series of policies, including privatisation and deregulation, that were implemented in the Netherlands in the 1980’s in imitation of Thatcher and Reagan. I argue that it is not this series of policies but the justification underpinning them that is of a neoliberal nature. To support this claim I offer a brief genealogical history of neoliberal thought, which developed in the interwar period, by explicitly distinguishing itself from both 19th-century classical liberalism and contemporary modern liberalism. On the basis of this historical account I assert that neoliberalism adopts the foundational principles of classical and modern liberalism, but that it prescribes different formal principles of rational government. I conclude that this diction makes it possible to write a critical history of neoliberalism.


Lars Cornelissen
Lars Cornelissen doet doctoraal onderzoek aan de University of Brighton (Verenigd Koninkrijk). Hij is gespecialiseerd in de geschiedenis van het neoliberalisme en schrijft zijn dissertatie over het antidemocratische aspect van neoliberale politieke economie.
Article

Intersectionaliteit in de media: representatie van Nederlandse Kamerleden met een migratieachtergrond in dagbladen, 1986-2016

Journal Res Publica, Issue 4 2017
Keywords intersectionality, media, political representation, gender, ethnicity, categories
Authors Liza Mügge and Anne Louise Schotel
AbstractAuthor's information

    The media are key actors in political inclusion and exclusion. Existing research has shown that women and racial minorities receive less coverage and are portrayed more negatively than white males. Yet, less is known about differences in media coverage within and between groups. This study disentangles such variation with an intersectional lens. Drawing on newspaper analysis of all 55 politicians with a migration background who ever held a seat in Dutch parliament (1986-2016) we analyze the quantity and tone of media coverage and examine how they are identified. Our findings show that although women receive more coverage than men, this is no advantage. Women are framed more often and in more variety as ‘different’ compared to their male minority colleagues. The most visible politicians are particularly negatively described in terms of their different identities when they aim to achieve a higher position of power in the party.


Liza Mügge
Liza Mügge is universitair hoofddocent aan de afdeling politicologie en directeur van het Amsterdam Research Centre for Gender & Sexuality van de Universiteit van Amsterdam. Zij is medeoprichter en redacteur van het European Journal of Politics and Gender. Haar expertise en onderzoeksinteresses zijn politieke vertegenwoordiging, diversiteit en transnationalisme.

Anne Louise Schotel
Anne Louise Schotel behaalde haar masterdiploma in de sociale wetenschappen aan de Universiteit Utrecht en werkt nu aan haar PhD-voorstel bij het departement politicologie aan de Universiteit van Amsterdam.
Article

Hoop en verraad: wat moslimjongeren verwachten van vertegenwoordigers met een etnische minderheidsachtergrond

Journal Res Publica, Issue 4 2017
Keywords social group representation, focus group methods, feelings of (not) being represented, Muslim youth
Authors Soumia Akachar, Karen Celis and Eline Severs
AbstractAuthor's information

    This paper employs focus group data with Flemish muslim youth to explore how they deal with the visible emergence of ethnic minority representatives (EMRs) in Belgian elected bodies. The focus groups tap into their shared identity experiences and subsequent expectations vis-à-vis EMRs. Using grounded theory to analyse our data, we distinguish three different EMR typologies: those who are autonomous yet loyal to the group, those who are responsive to ethnic/religious issues but perceived as reductive, and those who sell-out to mainstream politics. These typologies challenge approaches presuming the extent to which representatives advance policies responsive to group members’ interests as ideal or desirable.


Soumia Akachar
Soumia Akachar promoveert bij de Afdeling Politieke Wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Ze doet onderzoek naar de politieke vertegenwoordiging van moslimjongeren in Vlaanderen en de mate waarin ze zich al dan niet vertegenwoordigd voelen. Soumia maakt deel uit van het onderzoeksprogramma ‘Evaluating Democratic Governance in Europe’ en is ook lid van RHEA, het Expertisecentrum Gender, Diversiteit en Intersectionaliteit aan de VUB.

Karen Celis
Karen Celis is als onderzoeksprofessor verbonden aan de Vakgroep Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel en is codirecteur Onderzoek van RHEA het VUB-expertisecentrum Gender, Diversiteit, Intersectionaliteit. Ze verricht theoretisch en empirisch onderzoek naar de kwaliteit van democratische vertegenwoordiging vanuit het perspectief van achtergestelde groepen. Ze is coredacteur van de European Journal of Politics and Gender en de Routledge-boekenreeks Gender and Comparative Politics.

Eline Severs
Eline Severs doceert politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek concentreert zich voornamelijk op vraagstukken van democratische vertegenwoordiging, de betekenis van legitimiteit, en democratische inclusie. Recent redigeerde ze, samen met Suzanne Dovi (University of Arizona), een symposium over de ethiek van vertegenwoordigers in PS: Political Science and Politics (2018, forthcoming).
Article

Het electorale succes van etnische minderheden in Brussel: de rol van kiezers en partijen

Journal Res Publica, Issue 4 2017
Keywords Brussels, electoral system, ethnic minorities, political representation
Authors Chloé Janssen, Régis Dandoy and Silvia Erzeel
AbstractAuthor's information

    European democracies have grown ethnically diverse in the recent years. Yet, ethnic minorities remain underrepresented in politics. Despite the theoretical argument asserting that ethnic minorities should perform better in systems allowing voters to cast intra party preferences, empirical studies bring mixed results. In particular, scholars highlight the role of both parties and voters in explaining the electoral success or failure of ethnic minority candidates. Using data on regional elections between 1995 and 2014 in Brussels, our study shows that even though parties have made gradual efforts to include ethnic minorities on their lists, voters appear to be an important force behind the election of ethnic minorities. We find variations according to party ideology, with socialist and – to a lesser extent – Christian democratic candidates benefiting the most from preferential voting. However, the positive impact of preference votes seems to decrease over time, as parties themselves become more inclusive and tend to allocate more realistic positions to their ethnic minority candidates in recent elections.


Chloé Janssen
Chloé Janssen is als doctoraal onderzoekster verbonden aan het Departement Politieke Wetenschappen van de Vrije Universiteit Brussel. Daarvoor werkte ze als FNRS research fellow aan de Université catholique de Louvain. Haar onderzoek handelt over de politieke vertegenwoordiging van etnische minderheden en vrouwen, en focust in het bijzonder op het effect van het kiessysteem en de rol van politieke partijen.

Régis Dandoy
Régis Dandoy is docent aan de Waseda University (Tokio, Japan) en gastdocent aan de Université catholique de Louvain. Zijn belangrijkste onderzoeksinteresses zijn Belgische politiek, vergelijkend federalisme, regionale politiek en party manifestos. Hij publiceerde hierover in internationale tijdschriften en is tevens coredacteur van verschillende boeken over Belgische politiek.

Silvia Erzeel
Silvia Erzeel doceert politieke wetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel. Haar onderzoek en recente publicaties spitsen zich toe op gender en politieke vertegenwoordiging, rechts populisme, intersectionaliteit in politieke partijen, en economische ongelijkheid. Haar onderzoek is vaak vergelijkend, met een geografische focus op West-Europa.
Article

De etnische politieke elite van Nederland: gewoon geworden door ongewoon te zijn?

Journal Res Publica, Issue 4 2017
Keywords ethnic minorities, political representation, the Netherlands, compensation, similarity
Authors Roos van der Zwan and Tomas Turner-Zwinkels
AbstractAuthor's information

    This article compares the study and professional backgrounds of ethnic minority and native Dutch MPs in the Netherlands using self-collected data from 2010-2016. We build on previous studies and further develop and test the compensation and similarity model. We expected that ethnic minorities compensate with regard to the duration of their education and the length of their professional and pre-parliamentarian political careers. Furthermore, in line with the similarity model, we expected greater similarities between ethnic minority and Dutch MPs in terms of their educational and professional backgrounds and political experience. The results show more evidence for the similarity model than for the compensation model. We find that ethnic minority MPs have similar educational levels and types of political experience as Dutch MPs, however, contrary to the expectation they do not have more but less years of professional and pre-parliamentarian political experience.


Roos van der Zwan
Roos Van der Zwan schrijft momenteel haar proefschrift over de politieke vertegenwoordiging en het stemgedrag van etnische minderheden in Nederland. Haar onderzoeksinteresses omvatten onder meer politiek, integratie- en migratievraagstukken.

Tomas Turner-Zwinkels
Tomas Turner-Zwinkels is postdoctoraal onderzoeker aan de Universiteit Basel. Hij doet kwantitatief onderzoek naar de carrières van politici. Hiervoor gebruikt hij een crossnationale database met gedetailleerde politieke carrière-informatie die hij zelf ontwikkelt. Zijn focus gaat uit naar politiek human capital, gendergelijkheid en het formeel modelleren van loopbaanbeslissingen.
Article

Verticale politieke cumul in de Lage Landen: evolutie en verklaringen

Journal Res Publica, Issue 3 2017
Keywords Cumul des mandats, Multiple office-holding, Members of parliament, Local representatives, Central-local relations
Authors Nicolas Van de Voorde
AbstractAuthor's information

    Studies have shown that multiple office-holding, a practice that denotes the simultaneous exercise of any directly elected municipal mandate and parliamentary seat, is more commonplace in European national parliaments than expected. However, research in Belgium, and especially in the Netherlands, is scarce and extremely fragmented. Therefore, our analysis provides a systematic comparison between the Low Countries with a longitudinal focus. In the first part of the paper, the frequency of the practice is described and its evolution in the last two decades tracked. In the second part, we provide aggregated explanations for the identified discrepancy. Indeed, our results show that after the most recent elections, more than 80% of all Belgian members of parliament held a local mandate, and this percentage increased by 10% during our reference period. In contrast, 9 out of 150 members of the Dutch Second Chamber were combining several offices at the beginning of their national mandate, while the degree of cumulards remained stable. Unexpectedly, the legislative framework and the party regulations are not the source of this deviation, as they are almost identical in both countries. We argue that the difference can be attributed to the role and position of the local government, the political culture and the electoral system.


Nicolas Van de Voorde
Nicolas Van de Voorde is als FWO-aspirant verbonden aan het Centrum voor Lokale Politiek aan de Universiteit Gent. Zijn onderzoek is gericht op het fenomeen cumul des mandats in de Belgische context.
Article

Bijzondere buren

Lokaal bestuur en lokale verkiezingen in Nederland en Vlaanderen

Journal Res Publica, Issue 3 2017
Keywords The Netherlands, Flanders, Belgium, local government, local politics, elections
Authors Julien van Ostaaijen
AbstractAuthor's information

    Even though they are portrayed as culturally and mentally very different, the Dutch and the Flemish share a border, a part of their history, and their language. Little oversight has been provided regarding the similarities and differences in terms of their democratic and political institutions and their mode of operation. This is especially the case for the local level. With upcoming local elections in both the Netherlands and Flanders/Belgium, this article presents an oversight of similarities and differences regarding local government and local elections in both territories. The main conclusion is that there are differences and similarities in both the local institutional setting and government practice. In local government practice however, the differences stand out.


Julien van Ostaaijen
Julien van Ostaaijen is als universitair docent verbonden aan de Tilburg School of Governance van Tilburg University. Hij doet veel onderzoek naar lokale democratie en heeft onder meer gepubliceerd over de rol van de gemeenteraad, lokale partijen, de aanstellingswijze van wethouders en burgemeesters, burgerbetrokkenheid en de opkomst bij (lokale) verkiezingen. Zijn proefschrift ging over de vraag hoe veranderingen in het lokaal bestuur kunnen worden doorgevoerd. Voor meer informatie over zijn werk: www.vanostaaijen.nl
Article

Burgemeester (m/v) in de Lage Landen

Zelfde job? Zelfde rol? Zelfde vragen?

Journal Res Publica, Issue 3 2017
Keywords mayoralty, mayors, Flanders, Netherlands, institutional change, selection procedure
Authors Niels Karsten, Koenraad De Ceuninck and Herwig Reynaert
AbstractAuthor's information

    This article compares the mayoralties of the Netherlands and Flanders, with a particular focus on the changes since 2010. The results show that the mayors of these two historically and culturally connected Low Countries form particularly homogeneous groups of people. This has not changed much over the last few years. The role and function of mayors in both Flanders and the Netherlands, however, have gradually changed substantially. In particular, both mayors’ responsibilities in the field of safety and security have increased. At the same time, the two mayoralties show considerable differences. The Flemish mayor has long been and still is a far more political figure than the Dutch mayor is. The Dutch mayoral office, however, is politicising, which has resulted in more debate about its role in local government than in Flanders. The comparison shows how the local political culture can strongly influence how public offices take shape.


Niels Karsten
Niels Karsten, MA, is als universitair docent verbonden aan de Tilburg School of Governance. Hij doet vooral onderzoek naar lokaal politiek-bestuurlijk leiderschap. Als promovendus deed hij onderzoek naar de verantwoording door burgemeesters en wethouders van controversiële beslissingen. Tussen 2013 en 2014 was hij projectleider van een uitgebreid empirisch onderzoek naar het Nederlandse burgemeestersambt, dat resulteerde in het boek Majesteitelijk & Magistratelijk. Sindsdien is hij betrokken geweest bij verschillende onderzoeken naar politieke ambtsdragers in binnen- en buitenland. Over het Nederlandse burgemeestersambt publiceerde hij onder andere in Bestuurswetenschappen, Lex Localis, Leadership en het Oxford Handbook of Political Leadership.

Koenraad De Ceuninck
Koenraad De Ceuninck is als docent verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is lid van het Centrum voor Lokale Politiek. Zijn voornaamste onderzoeksdomeinen zijn schaal en lokale politiek, gemeentelijke fusies en hervormingen op lokaal niveau. Zijn doctoraatsonderzoek was een studie naar de politieke besluitvorming tijdens de gemeentelijke fusies in België in 1976. Hij publiceert rond meerdere onderwerpen met betrekking tot lokaal beleid en lokale politiek. Hij is betrokken bij het vak Actuele vraagstukken van de lokale politiek en is verantwoordelijk voor de stages binnen de opleiding politieke wetenschappen.

Herwig Reynaert
Herwig Reynaert is als gewoon hoogleraar verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent. Hij is voorzitter van het vakgebied Lokale en Regionale Politiek en voorzitter van het Centrum voor Lokale Politiek. Sinds 2009 is hij decaan van de Faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen. Hij publiceerde als auteur en/of coauteur tientallen boeken, wetenschappelijke artikels en hoofdstukken in boeken. Zijn publicaties hebben vooral de lokale politiek als onderwerp. Tevens is hij organisator van zowel nationale als internationale congressen over (vergelijkende) lokale politiek. Hij doceert de vakken lokale politiek, actuele vraagstukken van de lokale politiek, interne Belgische politiek en Belgische binnenlandse politiek. Hij maakt deel uit van diverse wetenschappelijke redactieraden.
Article

Domineren Brussel en Den Haag ook de Dorpsstraat?

Nationale en lokale determinanten van het succes van nationale partijen bij de Nederlandse en Vlaamse gemeenteraadsverkiezingen

Journal Res Publica, Issue 3 2017
Keywords second-order elections, municipal elections, local politics
Authors Sofie Hennau, Ramon van der Does and Johan Ackaert
AbstractAuthor's information

    This article investigates to what extent national and/or local factors influence the performance of national parties in the most recent Flemish and Dutch municipal elections of, respectively, 2012 and 2014.
    Our analyses underscore the impact of local factors on the municipal election results, both in Flanders and in the Netherlands. The number of parties and previous election results have a negative effect on the vote share of national political parties. Contrary to the expectations, participation in local government does not have any influence on the national lists’ elections results.
    Although local factors have to be taken into account to get a better estimation of the performance of national lists in municipal elections, national factors have significant effects as well. Parties doing well at the national elections, are less successful at the local level.


Sofie Hennau
Sofie Hennau is postdoctoraal onderzoeker aan de faculteit Rechten van de UHasselt. Zij doet onderzoek naar lokale institutionele hervormingen en lokale politiek.

Ramon van der Does
Ramon van der Does is werkzaam als onderwijs- en onderzoeksassistent aan de Universiteit Leiden. Ook doet hij zelfstandig onderzoek naar deliberatie, politieke participatie en lokale verkiezingen.

Johan Ackaert
Johan Ackaert is hoogleraar en decaan van de faculteit Rechten van de UHasselt. Zijn onderzoek richt zich op lokaal beleid en lokale politiek.
Article

Het geslacht van de kandidaat als heuristisch stemmotief

Een onderzoek naar het effect van politieke sofisticatie en electorale context op gender-based stemgedrag

Journal Res Publica, Issue 2 2017
Authors Sjifra de Leeuw
AbstractAuthor's information

    In this paper, I study gender-based voting behavior in the Belgian proportional electoral system. In particular, I investigate two possible causes for why voters experience the need to simplify their voting decision by using a gender-cue. First, in line with the findings of previous studies, I find that voters with lower levels of political sophistication who are less able to collect and process political information, are consequently more likely to use the sex of a candidate as a shortcut. However, the effect of political sophistication on gender-based voting behavior is limited. Second, based on the literature, I expect that the low information context of the second-order European elections would cause both high and low information voters to become more reliant on gendercues to simplify their voting decision and by extent would cause the effect of political sophistication on gender-based voting to diminish. Against theoretical expectations, I find that the effect of the electoral context is negligible.


Sjifra de Leeuw
Sjifra de Leeuw is masterstudente Politieke Wetenschappen, Statistiek en Sociologie aan de KU Leuven. Vanaf september 2017 is zij doctoraatsstudent politieke communicatie aan de Amsterdam School of Communication Research (Universiteit van Amsterdam).

    This paper analyses ministerial expertise of senior ministers and junior ministers (in Dutch: staatssecretarissen) who held office in the Netherlands between 1967 and 2015. Expertise is differentiated between two independent dimensions: technical knowledge with respect to the subject matter of the portfolio, and political knowledge and skills. Results indicate that both types of ministers have considerable political and technical expertise, but junior ministers have relatively and significantly more often technical expertise and senior ministers more often have political expertise. Furthermore, the complete outsider (lacking both technical and political skills) is a rather rare phenomenon in both types of ministers. Besides, although it follows from the watchdog junior minister theory that political expertise is needed to function effectively as a watchdog, there is not a significantly higher frequency of political expertise in the junior ministers when the junior minister and the senior minister are from different parties than when they are from the same party.


Astrid Elfferich
Astrid Elfferich is researchmasterstudent Political Science and Public Administration aan de Universiteit Leiden. Haar onderzoek betreft naast parlementaire geschiedenis intergenerationele rechtvaardigheid en daaraan gekoppelde politieke vraagstukken, zoals de opslag van nucleair afval en het vergrijzingsprobleem.

    According to asymmetrical Kantianism, humans, but not animals, should be granted certain inviolable moral rights, including the right to be treated as ‘ends-in-themselves’. By limiting the application of Kantian principles to humans, we effectively demote animals to the status of mere means to (non-)human ends and pave the way for the justification of unwarranted practices of animal exploitation. In this article, I will attempt to refute asymmetrical Kantianism by arguing against its underlying idea that the possession of personhood is a necessary requirement for having moral rights. I will do so by showing that the possession of selfhood should be considered a necessary and sufficient requirement for having such rights. I will argue that at least some animals should be seen as possessing selfhood, which makes their treatment as mere means to an end morally untenable.


Boyd T.C. Leupen
Boyd Leupen studeerde Politicologie aan achtereenvolgens de Universiteit van Amsterdam en de Universiteit Leiden. In 2015 won hij de Masterscriptieprijs van het Instituut Politieke Wetenschap Leiden voor zijn scriptie ‘The moral standing of animals: Refuting asymmetrical Kantianism’. Momenteel is hij werkzaam als consultant voor TRAFFIC (the wildlife trade monitoring network) en verricht hij onderzoek naar de illegale handel in beschermde diersoorten in Zuidoost-Azië.
Showing 1 - 20 of 177 results
« 1 3 4 5 6 7 8 9
You can search full text for articles by entering your search term in the search field. If you click the search button the search results will be shown on a fresh page where the search results can be narrowed down by category or year.